De magiërs uit het Oosten, deel 3: Georgi Asparuhov

georgi-asparuhov

Op 30 juni 1971 ging er een schok door heel Bulgarije. Toen het nieuws naar buiten kwam dat Georgi ’Gundi’ Asparuhov samen met teamgenoot Nikola Kotkov verongelukt was, wist de gewone man in de straten van Sofia niet waar hij het zoeken moest. Op de terugweg van een jubileumwedstrijd was Asparuhov in botsing gekomen met een vrachtwagen, waarbij zijn auto zich diep in de zijkant van de truck geboord had. De spits en Kotkov waren op slag dood. Gundi had in de jaren ’60 vriend en vijand verbaasd met zijn spel voor Levski Sofia en de nationale ploeg van Bulgarije, maar in de bloei van zijn carrière op 28-jarige leeftijd kwam er een eind aan een fabelachtige loopbaan.

Op de begrafenis van Asparuhov waren meer dan een half miljoen aanwezig om de grote ster van het Bulgaarse voetbal een laatste eer te bewijzen. Vanuit het hele land kwamen ze naar Sofia om langs de weg een laatste groet te brengen aan Asparuhov. Wat ze toen nog niet konden weten is dat het Bulgaarse voetbal een mooie toekomst tegemoet ging. Toch bleef de hang naar Asparuhov altijd bestaan. Volgens het Bulgaarse publiek is er geen landgenoot geweest die bij hem in de buurt kon komen. Een stemming maakte dat duidelijk. Asparuhov werd gekozen als de beste speler van de eeuw in Bulgarije, nog voor Hristo Stoichkov.

Stoichkov is terecht wegens zijn prestaties met Barcelona en de nationale ploeg de bekendste Bulgaarse voetballer aller tijden. Menig voetbalfan zal ook zijn naam goed kunnen plaatsen en niet die van Asparuhov. Het is een rode lijn in de geschiedenis van het Bulgaarse voetbal; technisch vaardige voetballers die hele groepen fans weten te bewonderen. De laatste jaren was dat Dimitar Berbatov, de spits van onder andere Tottenham Hotspur en Manchester United die uit de meest vreemde hoeken wist te scoren en bij vlagen de bal aan een touwtje leek te hebben. In de jaren ’90 gaf Stoichkov het Bulgaarse voetbal een smoel door op het WK van 1994 een knappe vierde plek te behalen. In die jaren was ook Krasimir Balakov in dienst van Sporting CP in Portugal en VfB Stuttgart een gevaarlijke aanvaller.

In de jaren ’70 nam na het overlijden van Asparuhov Hristo Bonev het stokje over als aanvoerder en leider van het team. Bonev, een tactisch sterke middenvelder met een geweldige pass in de benen, leidde Bulgarije naar twee opeenvolgende Wereldkampioenschappen in 1970 en 1974 die beide echter al in de groepsfase eindigden. Ook Bonev kon niet tippen aan de populariteit van Asparuhov.

De gouden generatie

Al op zestienjarige leeftijd maakte Gurdi zijn debuut voor Levski Sofia, de club van zijn dromen en de club van de stad waar hij geboren en getogen was. Van 1959 tot 1961 zou Asparuhov niet heel veel speeltijd krijgen in het eerste elftal van de club wegens de concurrentie in de punt van de aanval. Door de militaire dienst zag Asparuhov zich in 1961 terug in Plovdiv in het midden van het land. De lokale club Botev Plovdiv zag echter wel wat in de jonge spits en besloot hem een contract aan te bieden. Het ging daarna vrij snel met Gundi. In dienst van Botev zou hij in 47 wedstrijden tot 25 doelpunten komen en hij veranderde het team al vrij snel in een kampioenswaardig elftal. In zijn eerste seizoen wist hij voor het eerst in de clubhistorie de beker te winnen en in het tweede seizoen werd de ploeg knap tweede in de competitie.

gundi-i-kotkov-6

Asparuhov had toen al een uitnodiging gehad voor het nationale elftal en hij mocht ook mee naar het WK in Chili van 1962. In een groep met Argentinië, Hongarije en Engeland maakten de Bulgaren echter geen schijn van kans. Er werd in drie wedstrijden slechts één puntje behaald. Argentinië was met 1-0 te sterk, Hongarije verpulverde Bulgarije met 6-1 en verrassend genoeg werd Engeland op een 0-0 gehouden. Asparuhov zou uiteindelijk persoonlijk wel geschiedenis schrijven. In de allereerste deelname van Bulgarije aan een groot eindtoernooi maakte hij tegen de Hongaren het enige doelpunt. Het zou een startsein zijn voor een vruchtbare periode in het Bulgaarse voetbal.

Vanaf 1962 t/m 1974 was Bulgarije er telkens bij op het WK. Asparuhov had daar in zijn rol als spits van het team een groot aandeel in. In de kwalificatie voor het WK van 1966 eindigde Bulgarije in de poule achter België op een tweede plaats. Thuis werd er van Israël met 4-0 gewonnen en Asparuhov scoorde in die wedstrijd de 3-0. Daarna werd er wederom thuis gewonnen, ditmaal van België en ook nu tekende Asparuhov in de met 3-0 gewonnen wedstrijd voor een treffer. België nam daarna thuis sportief revanche door met 5-0 te winnen maar doordat Bulgarije haar laatste wedstrijd uit in Israël met 2-1 won (Gundi maakte de winnende) was een beslissingswedstrijd tegen België nodig om te bepalen wie mee mocht doen aan het WK in Engeland. Slechts één team ging er per poule door en op neutraal terrein toonde Asparuhov op 22-jarige leeftijd dat hij een ster in wording was. In het Stadio Communale in Florence, Italië, waren 12.000 toeschouwers getuige van een one-man-show. Asparuhov scoorde in de 18e en 19e minuut een doelpunt en België had daar niets tegenin te brengen. Door een eigen goal van Ivan Vutsov eindigde de wedstrijd uiteindelijk in een 2-1 overwinning voor Bulgarije. Asparuhov werd met recht gekozen tot de man van de wedstrijd.

Op het WK van 1966 kwam Bulgarije in een poule des doods terecht. Portugal, dat leunde op het Benfica van Eusebio, Brazilië, dat de verdedigend Wereldkampioen was en Hongarije, dat nog steeds een topelftal had, werden aan Bulgarije gekoppeld. Asparuhov kon niet in zijn eentje teams van dat kaliber verslaan. Over de hele linie gezien kon Bulgarije niet uit zoveel topspelers putten als de teams in deze poule. Portugal werd uiteindelijk eerste, gevolgd door Hongarije, dat verrassend van Brazilië gewonnen had. De Hongaren, geleid door de eerder in deze serie geportretteerde Florian Albert, wonnen weer vrij simpel van Bulgarije, ditmaal met 3-1. Ook Brazilië en Portugal waren te sterk. Bulgarije wist slechts één doelpuntje te maken op het WK, waardoor het in eigen land als een grote deceptie gezien werd.

Bulgarije werd in de kwalificatie voor het WK van 1970 weer eerste in de poule. De tegenstanders waren nu Polen, Luxemburg en Nederland en in zes wedstrijden wist Bulgarije er vier te winnen, een keer gelijk te spelen en een keer te verliezen. Asparuhov had met vier van de twaalf doelpunten een groot aandeel in de kwalificatie voor het WK van 1970 en had nu in de eerdergenoemde Bonev een formidabele aangever achter zich spelen. Toch kwam dat niet tot uiting op het WK. Marokko, West-Duitsland en Peru waren nu de tegenstanders. Peru had in tegenstelling tot nu de beschikking over twee topspelers; aanvoerder en verdediger Héctor Chumpitaz en middenvelder Teófilo Cubillas. Bulgarije bood aardig stand in een spannende wedstrijd maar ging uiteindelijk met 3-2 ten onder. Van West-Duitsland werd pijnlijk met 5-2 verloren en door het gelijke spel tegen Marokko (1-1) eindigde het WK veel te vroeg voor Bulgarije.

Bevreesd door Eusebio en Rivera

Men sprak van een gouden generatie doordat de nationale ploeg zich eindelijk had kunnen plaatsen voor een WK en dat meerdere keren op rij. Ook met Levski was Asparuhov succesvol. Nadat zijn militaire dienst erop zat keerde Gurdi in 1963 terug bij Levski. Hij werd met de club drie keer landskampioen en won drie keer de beker. Door de verschillende prijzen mocht de club ook uitkomen in de Europacup 1 en Europacup 2. Het was daar dat twee wedstrijden Asparuhov in Europa een hele schare volgers opleverde; in 1965 tegen Benfica en in 1967 tegen AC Milan.

1102728_513871698693365_1073840568_o

In de Europacup 1 van 1965-66 deed Levski Sofia voor het eerst in haar historie mee aan een Europees eindtoernooi. Stadgenoot CSKA speelde al sinds het seizoen 1956-57 Europees voetbal maar ditmaal was het de beurt aan Levski. In de voorronde werd vrij simpel het Zweedse Djurgården verslagen. Uit werd er weliswaar met 2-1 verloren maar thuis maakte Levski dat door met 6-0 te winnen ruimschoots goed. De loting wees uiteindelijk Benfica aan als de volgende tegenstander. De Portugezen hadden het jaar daarvoor al de finale gehaald tegen Internazionale en een sterkere tegenstander was haast niet mogelijk voor Levski. Toch was het voor de spelers een mooie uitdaging om zichzelf te laten zien tegen een Europese topclub. Asparuhov was overtuigd van zijn kwaliteiten. Benfica had het dan ook erg lastig met de Bulgaren. Levski nam thuis zelfs brutaal door toedoen van Gurdi een 1-0 voorsprong en uiteindelijk kwam er door goals van Eusebio (twee keer) en Simeon Nikolov een 2-2 gelijke stand op het scorebord. Op bezoek in Portugal was het weer Asparuhov die Levski op voorsprong schoot, maar de klasse van Eusebio en Mario Coluna liet zich gelden. Benfica gooide met drie doelpunten de wedstrijd in het slot. Een late goal van Gurdi kon daar geen verandering meer in brengen.

Asparuhov had ondanks de uitschakeling wederom geschiedenis geschreven. Hij was de eerste speler die er in wist te slagen om in Lissabon twee doelpunten te scoren. Eusebio zei daar later het volgende over; ’Ik verlangde ernaar om samen met Asparuhov te spelen. In de wedstrijd tussen Benfica en Levski was hij de baas in Lissabon. Geen enkele speler had tot dan toe twee keer tegen ons weten te scoren. Asparuhov was de eerste.’ Benfica deed er alles aan om aan de wens van haar sterspeler tegemoet te komen en Asparuhov aan te trekken. Het communistische regime in Bulgarije verbood het echter dat Gurdi naar Portugal vertrok, omdat hij te belangrijk voor het landelijke moraal geacht werd.

Twee jaar later stond een andere Europese grootmacht tegenover Levski; AC Milan. In de Europacup 2, het toernooi voor de landelijke bekerwinnaars, troffen de twee teams elkaar al in de eerste ronde. AC Milan had uiteindelijk minder moeite met de Bulgaren dan Benfica twee jaar eerder. Thuis werd er met 5-1 gewonnen waardoor de 1-1 gelijkspel in Sofia genoeg was om door te gaan. Asparuhov had beide doelpunten voor zijn rekening genomen. Milan was al lange tijd op jacht naar de handtekening van de spits. Vlak voor de eerste wedstrijd in Milaan kreeg Asparuhov dan ook een half miljoen dollar, een veilige ontsnapping uit Bulgarije en een salaris gelijk aan de toppers van Milan aangeboden. Gurdi weigerde de aanbieding, omdat zijn liefde voor Levski te groot was. Nereo Rocco, de befaamde coach van Milan, had altijd Asparuhov als zijn droomspits gezien, maar zag nu deze droom in wolken opgaan.

Asparuhov bleef voor Levski voetballen tot het fatale ongeluk in 1971. In het seizoen 1969-70 werd nog de kwartfinale van de Europacup 2 behaald maar daar hield het qua sportief geluk wel op. In 1971 was Gurdi pas 28 jaar. De beste jaren had hij nog voor zich maar het mocht echter niet zo zijn. Toen Gianni Rivera in 1968 met Italië tegen Bulgarije een kwalificatiewedstrijd speelde voor het EK van 1968 kwam hij tegenover Gurdi te staan. Hij was onder de indruk van de spits en hield van zijn stijl van spelen. Toen Rivera hoorde van het overlijden van Asparuhov moest hij terugdenken aan deze wedstrijd. Hij had de spits toen per ongeluk een schop geschreven en hoopte dat hij hem dat inmiddels vergeven had.

Veel Europese toppers waren onder de indruk van Asparuhov en dat zegt misschien nog wel het meest over de kwaliteiten van de spits. Op internet zijn nog genoeg beelden terug te vinden van goede kwaliteit en ik moedig u dan ook aan om dat te doen. Tot die tijd is het wachten op deel 4 van deze serie, waarin de Roemeen Nicolae Dobrin centraal staat.

Geschreven door Max van der Gulik

Max noemt zichzelf een voetbalromanticus dan wel voetbalestheticus. Schrijft graag historisch getinte artikelen, als ook analyses van het hedendaagse voetbal. Max is geen fan van een club en raadt dat iedereen van harte aan. Na zijn pensioen heeft hij het voornemen om boeken te gaan schrijven, je moet wat hè.