Column: De bijzondere relatie tussen Sevilla FC en RCD Espanyol

marcador_cornella_jarque_puerta

Jorge Sampaoli was er alles aan gelegen om zijn dienstverband als trainer bij Sevilla FC zo goed mogelijk te beginnen. De in Santa Fe geboren Argentijn is op het eigen continent een grootheid, zeker na het winnen van de Copa América met Chili in 2015, de eerste keer dat het land aan de westkust van Zuid-Amerika de prijs won. Sampaoli, een discipel van de werkwijze van Marcelo Bielsa, overtuigde Europa door Chili met hyperaanvallend en goed voetbal naar de titel te loodsen. Toen Unai Emery zijn vertrek aankondigde bij Sevilla naar Paris Saint-Germain, was de Andalusische club er alles aan gelegen om Sampaoli tot een overstap te verleiden.

Het lukte uiteindelijk Sevilla om de kleine Argentijn aan zich te binden. Op de eerste wedstrijd van het seizoen op 20 augustus 2016 kwam RCD Espanyol op bezoek in het Sánchez Pizjuán. Er zouden die middag uiteindelijk in totaal tien doelpunten gescoord worden. Pablo Piatti zorgde in de achtste minuut voor de openingstreffer in het voordeel van Espanyol maar een kwartier later had Sevilla de schade alweer hersteld en zelfs een voorsprong genomen via Pablo Sarabia en Luciano Vietto. Hernán Pérez zorgde in de 26e minuut voor de 2-2 en Víctor Sánchez schoot Espanyol weer op voorsprong vlak voor rust. In de blessuretijd van de eerste helft was het dan weer Vietto die stand weer gelijk bracht.

Een 3-3 ruststand is slechts zelden vertoond maar beide ploegen gingen er in de tweede helft rustig mee door. Al in de 54e minuut was het Franco Vázquez die Sevilla op 4-3 bracht en Wissam Ben Yedder leek met de 5-3 voor de beslissing in de wedstrijd te zorgen. Toen Hiroshi Kiyotake voor de 6-3 tekende was het verzet van Espanyol gebroken, het doelpunt van Gerardo Moreno in de 79e minuut kon daar nog weinig aan veranderen. Sampaoli had in zijn eerste wedstrijd direct zijn visitekaartje afgegeven. Sevilla speelde een soort ‘kamikaze-voetbal’ waarbij de bal zo snel mogelijk bij de spitsen moest komen. Het was Espanyol die daardoor met grote regelmaat toe kon slaan in de counters, voornamelijk omdat Sevilla soms maar met één of twee verdedigers achter bleef.

Verbonden in een eeuwig lijden

Inmiddels doet Sevilla het uitstekend in La Liga en heeft het zelfs zicht op de landstitel. Op het moment van schrijven staat de ploeg op een derde plek op vier punten van koploper Real Madrid, dat wel nog een wedstrijd in moet halen. De doelcijfers spreken in het voordeel van Sampaoli. Met 43 doelpunten moet de club alleen Real Madrid en Barcelona voor zich laten. De nummer vier, Atlético Madrid, doet het met 34 doelpunten beduidend minder. Ook Espanyol maakt een goed seizoen door. Het heeft na twintig speelrondes een knappe negende plek in handen met Europees voetbal binnen handbereik. Espanyol speelt daarnaast leuk en aantrekkelijk voetbal, geheel volgens het adagium van coach Quique Sánchez Flores, die vorig seizoen het Engelse Watford ook al aansprekend voetbal liet spelen.

puerta_2

Erg benieuwd was men dan ook afgelopen weekend wat Sevilla zou doen op bezoek in het Estadi Cornellà-El Prat, de thuishaven van Espanyol. De kans dat het wederom een tienklapper zou worden was erg klein, maar een mooie wedstrijd lag ons toch wel na die spetterende opener van het seizoen in het verschiet. De vroege rode kaart voor aanvoerder Nico Pareja leek echter al snel roet in het eten te gooien. Pablo Piatti was net als in de eerste ontmoeting tussen beide teams vroeg in de wedstrijd van belang voor Espanyol. De kleine ex-Valenciaan werd in de tweede minuut de diepte in gestuurd en kon alleen door Pareja middels een duw in de rug afgestopt worden. Een tamelijk licht duwtje kreeg Piatti naar de grond, maar de scheidsrechter vond het genoeg voor een strafschop en omdat Piatti doorgebroken was een rode kaart.

Nota bene José Antonio Reyes, kind van Sevilla, zorgde vanaf de stip voor de 1-0 in de wedstrijd. Sampaoli koos daarna in tegenstelling tot veel andere trainers voor de aanval, ondanks de numerieke minderheid. Het leverde al snel een doelpunt voor Sevilla op. Het was Samir Nasri die Stefan Jovetić assisteerde, nadat de Fransman geweldig vrij gespeeld was door Franco Vázquez. Met tien man bleef Sevilla het spel maken, wat uiteindelijk een plezierige en open wedstrijd opleverde. Het was dan ook een klap in het gezicht voor Sampaoli toen Marcos Navarro in de blessuretijd van de eerste helft Espanyol met een kopbal weer op voorsprong bracht.

De tweede helft was minder aantrekkelijk en uiteindelijk zorgde aanvoerder Moreno met een snoekduik voor de beslissende 3-1. Een gevoelige tik voor Sevilla, dat zo het gat met Real Madrid zag stijgen. In twee wedstrijden hebben beide ploegen voor veertien doelpunten gezorgd, een absoluut genot voor de neutrale kijker. Toch gebeurde er iets zondag dat de neutrale kijker een nog grotere glimlach bezorgd moet hebben. Een prachtig eerbetoon deed zich namelijk voor in de zestiende minuut van de wedstrijd, toen heel El Prat ging staan voor een oud-speler van Sevilla.

Gedeelde smart is halve smart

In het Sánchez Pizjuán is het traditie dat men opstaat om in de zestiende minuut zestig seconden lang een daverend applaus op te spelers af te laten komen. Zestien is namelijk het nummer van Antonio Puerta, de verdediger die op negenjarige leeftijd in de opleiding van Sevilla terecht kwam en tien jaar later zijn debuut zou maken voor de hoofdmacht van de club. De talentvolle linksback kende een goede start aan zijn carrière totdat op 25 augustus 2007 het noodlot toesloeg. Puerta zakte in elkaar in de eerste wedstrijd van het seizoen 2007-08, thuis tegen Getafe. Na opgelapt te zijn kon de speler zelf teruglopen naar de catacomben, alwaar hij voor een tweede keer in elkaar zakte. Meerdere hartaanvallen zorgden uiteindelijk voor grote schade aan de organen en de hersenen van Puerta, en drie dagen later werd hij overleden verklaard. De oorzaak van de hartaanvallen waren een genetisch defect in de hartspieren van Puerta. Sinds zijn dood zijn clubs er extra alert op dat een speler geen problemen aan zijn hart heeft. Zo testte Real Madrid Rubén de la Red uitvoerig na zijn terugkeer naar de club waar het voor de Spaanse spelmaker begon. Uiteindelijk werd hij afgekeurd voor het spelen van professioneel voetbal, vanwege problemen aan zijn hart.

El Prat ging zondagmiddag staan voor Antonio Puerta. Er werd geklapt voor de held van Sevilla. Een opmerkelijk moment, omdat het niet vaak voorkomt dat een thuisclub klapt voor een speler van de tegenstander die tien jaar geleden kwam te overlijden. Het heeft echter alles te maken met wat er in de 21e minuut gebeurde. Ook nu ging men staan voor een held uit het verleden. Het nabije verleden, want op 8 augustus 2009 overleed Daniel Jarque, geboren in Barcelona, opgegroeid bij Espanyol en meermaals Spaans jeugdinternational.

870887_w2

Net zoals het klappen voor Puerta een traditie is in het Sánchez Pizjuán, is het dat voor Jarque in El Prat. De verdediger overleed op een trainingskamp in Florence in Italië terwijl hij zijn vriendin aan de telefoon had. Een hartaanval was de oorzaak voor het vroege overlijden van de nummer 21, slechts 26 jaar oud. Het is tragisch dat het overlijden van een speler Sevilla en Espanyol aan elkaar verbindt. Beide clubs hebben voor de rest weinig gemeen. Sevilla is al jaren een stabiele subtopper, Espanyol leidt al meerdere seizoenen een wat anoniem bestaan in La Liga. Sevilla is een mix van verschillende nationaliteiten, bij Espanyol voeren de Spanjaarden de boventoon in de selectie. Sevilla heeft een goedgevulde prijzenkast, die van Espanyol heeft nog ruimte genoeg.

Een bijzondere finale

Wat de band tussen Sevilla en Espanyol ogenschijnlijk hecht maakt, is een bijzondere finale die de twee clubs speelden in het seizoen 2006-07. De strijd om de UEFA Cup ging dat seizoen tussen de twee teams en de namen van toen refereren aan een bijzondere tijd voor beide clubs. Op Hampden Park in Glasgow stonden er bij Sevilla Dani Alves, Christian Poulsen, Enzo Maresca en het geweldige spitsenduo Frédéric Kanouté en Luís Fabiano in de basis. Espanyol kon beschikken over Pablo Zabaleta, Francisco Rufete, Albert Riera, Raúl Tamudo en de bij vlagen geniale Iván de la Peña. Allemaal mooie namen uit de geschiedenis van het voetbal en sommigen zijn nog steeds actief op het hoogste niveau.

Zowel Puerta als Jarque hadden in de finale een basisplek. Puerta op zijn vaste plek als linksachter, Jarque in het hart van de verdediging naast Marc Torrejón. In een grootse finale was het Sevilla dat het beste van het spel had en de meeste kansen creëerde. De openingstreffer van Adriano was dan ook een dikverdiende. Riera maakte echter al snel gelijk en pas in de verlening zou er weer gescoord worden. Kanouté leek met zijn doelpunt in de 108e minuut voor de beslissing te zorgen maar het was de Braziliaan Jônatas die in de 115e minuut voor de gelijkmaker zorgde. Strafschoppen brachten uiteindelijk uitsluitsel en Sevilla ging beter met de druk om. Het had het seizoen ervoor ook al de UEFA Cup gewonnen door Middlesbrough met 4-0 in het Philips Stadion in Eindhoven af te drogen. Espanyol faalde jammerlijk door drie van haar vier penalty’s te missen. Het was Antonio Puerta die de beslissende strafschop tegen de touwen schoot.

Ruim een jaar later zou Puerta komen te overlijden. Vlak voor zijn dood had de linksback al de aandacht getrokken van enkele grote clubs in Europa maar Sevilla hield voet bij stuk en wilde hem niet verkopen. Vermoedelijk had Puerta misschien wel zijn gehele carrière bij Sevilla gespeeld. Voor Jarque geldt hetzelfde; echte clubjongens die alles gaven voor Sevilla en RCD Espanyol.

Een bijzonder eerbetoon

De schok was groot in Spanje toen nog geen twee jaar na het overlijden van Puerta alweer een bekende speler kwam te overlijden. Jarque had vlak voor het seizoen 2009-10 de aanvoerdersband van Raúl Tamudo overgenomen en maakte zich in Florence op voor het nieuwe seizoen. Het mocht echter niet zo zijn. Toen zijn boezemvriend Andrès Iniesta in de WK-finale van 2010 het winnende doelpunt voor Spanje maakte en daarmee zijn land zijn eerste wereldtitel schonk, trok hij zijn shirt uit om een speciale boodschap te laten zien aan de fans wereldwijd. ‘Dani Jarque siempre con nosotros’ was er te lezen, wat vertaald naar het Nederlands ‘Dani Jarque, altijd bij ons’ betekent.

6qmnyvtd-1334554109

Tot op de dag van vandaag wordt Iniesta door de fans van Espanyol hier uitvoerig om bedankt. Ondanks dat Iniesta voor de grote rivaal speelt, hebben de fans hem in hun hart gesloten. Ieder jaar dat Barcelona op bezoek komt in El Prat en de spelmaker gewisseld wordt, volgt er een staande ovatie. Een staande ovatie om Iniesta te bedanken voor zijn geste richting Jarque en de gehele club. Een vriendschap die ‘El derbi Barceloní’ overstijgt. Op 30 april wordt de stadsderby weer uitgevochten. Barcelona gaat op bezoek bij de kleine broer. Hopelijk is Iniesta dan weer hersteld. Opdat heel El Prat weer even terugdenkt aan Daniel Jarque. Want wie dat zeker doet, luistert naar de naam Iniesta.

Geschreven door Max van der Gulik

Max noemt zichzelf een voetbalromanticus dan wel voetbalestheticus. Schrijft graag historisch getinte artikelen, als ook analyses van het hedendaagse voetbal. Max is geen fan van een club en raadt dat iedereen van harte aan. Na zijn pensioen heeft hij het voornemen om boeken te gaan schrijven, je moet wat hè.